De luxepositie van het onderwijs in tijden van AI en algoritmes

OPINIE | Tijdens de eerste maanden dat ik lesgaf op het mbo werd mij meermaals toevertrouwd: ‘ze willen gewoon graag gezien worden.’ Wat dat ‘zien’ precies is en hoe je dat moet bewerkstelligen, leerde ik pas veel later. Dat moment – toen ik op de juiste manier dacht, en daardoor ook écht iets nieuws zag – veranderde alles: het maakte mijn werk leuker, mijn relatie met studenten beter en mijn onderwijs effectiever. Toen was dat een mooie bonus, maar in deze tijd geloof ik dat deze wijze van denken en kijken essentieel is voor toekomstbestendig onderwijs.

Want het is geen onwaarschijnlijke gedachte dat we ons midden in een technologische revolutie bevinden. Machine learning (AI), robotica en onze kennis van de hersenen (neurowetenschap) zorgen nu al voor machines die het denken en handelen van de mens ver overstijgen. De grens tussen mens en technologie vervaagt. Daardoor zal ieder individu geconfronteerd worden met een constant gebrek aan en verandering van kennis en vaardigheden, wat ook invloed heeft op expertises én ons werk.

Mentale uitdagingen

Om in zo’n wereld op een fijne manier te kunnen leven, zul je heel wat mentale flexibiliteit en emotioneel evenwicht nodig hebben. Je zult herhaaldelijk bepaalde zekerheden los moeten laten en de confrontatie met het onbekende aangaan. Dit vraagt om een enorme hoeveelheid vertrouwen en zelfinzicht.

Maar op jezelf kunnen vertrouwen is moeilijk. Want tegelijkertijd raken we overspoeld door een veelheid aan informatie, meningen en indrukken die door een mens zelf nooit kan worden verwerkt en geanalyseerd. Dit geeft ruimte voor emotionele beïnvloeding door algoritmes. Jezelf leren kennen voordat marketeers, big tech en overheden het beeld van jezelf en de wereld manipuleren, is in steeds grotere mate een oneerlijke strijd. Ongemak over jezelf en de wereld om je heen ligt dan op de loer, dus het is van belang dat jongeren zichzelf leren kennen en begrijpen voordat hun ‘besturingssysteem’ wordt gehackt door onbekenden.

Welke rol kan het onderwijs spelen?

De maatschappij van morgen vraagt dus naast kennis en competenties in toenemende mate om zelfonderzoek. Want alleen met voldoende zelfkennis zijn we in staat om verantwoordelijkheid te nemen voor onszelf en de ander. In het onderwijs is dit bijvoorbeeld vastgelegd in de burgerschapsopdracht, die onder andere is gewijd aan het ontwikkelen van sociale en maatschappelijke competenties. Vrijwel iedereen in het onderwijs herkent de noodzaak hiervan, maar het is niet makkelijk om persoonsvorming en betrokkenheid te integreren in de dagelijkse schoolpraktijk. Het is vele malen moeilijker om jongeren te voorzien van een gezonde mentale balans en fraaie morele ondergrens, dan het aanleren van scheikundige elementen of het aanleggen van een drukverband… en er is al zo veel te doen!

Dit alles hoeft echter geen probleem te zijn. Het beeld dat ik hier schets is niet onheilspellend bedoeld: samen met bots en algoritmes kunnen we een prachtige toekomst vormen. Het onderwijs gaat zich dan ook te buiten aan vernieuwingen en initiatieven om een gelukkige, veerkrachtige generatie te bewerkstelligen. Ik geloof echter niet in een nieuw plan op papier of een veelbelovende ‘methode’.

Want alles is tevergeefs wanneer we niet starten bij de basis: docenten en begeleiders. Preventief bezig zijn met de mentale gezondheid en morele sensitiviteit van leerlingen begint met professionals in het onderwijs die met plezier, vertrouwen en compassie hun werk doen. Alleen dan kan er een relatie ontstaan tussen leerling en begeleider waardoor niet alleen kennis, maar ook levenswijsheid kan worden overgebracht. Aandacht voor hun welbevinden is daarmee een voorwaarde voor het liefdevol functioneren van onze toekomstige maatschappij. Boven alles zou heel Nederland erop gericht moeten zijn om iedereen in het onderwijs hier zo goed mogelijk in te faciliteren. We schieten daarin tekort, en het lijkt er niet op dat de samenleving, de staat of het onderwijssysteem hier snel verandering in kan brengen.

De invulling van de luxepositie

Wie dan wel, vraag je je af? Nou… docenten en begeleiders zelf. Want werken in het onderwijs plaatst hen (jou?) in een ‘luxepositie’. Die luxepositie ervoer ik op het moment waarnaar ik net refereerde: toen ik op een andere wijze leerde denken en kijken. Een denkwijze die geïnspireerd is op de stoïcijnse filosofie, waarin het bevragen van de eigen gedachten en oordelen centraal staan. “Ken uzelve” is één van de oudste wijsheden die we kennen. Het is altijd van waarde geweest omdat de mens, ondanks alle vooruitgang van de afgelopen 2500 jaar, onveranderd is gebleven. Dit is ontzettend goed nieuws. Want ook in tijden van kweekvlees, breinchips en zelfrijdende auto’s kunnen we wijsheden uit het verleden gebruiken om onszelf én elkaar beter te begrijpen.

Die wijsheid zorgt er bijvoorbeeld voor dat de dagelijkse interactie, werkdruk en dynamiek geen bron van onrust en stress zijn, maar juist de aanleiding om de relatie met studenten te versterken. Stel je voor dat je, juist op momenten dat de wereld om je heen dat niet is, geconcentreerd, redelijk en bedachtzaam kunt blijven. Dan wordt het eenvoudiger om je te verwonderen in plaats van te irriteren. Om verbinding te maken in plaats van afstand te creëren. Dit moet je leren, maar juist binnen het dagelijkse onderwijs leer je snel en levert het enorm veel op: regie over je werkplezier, een betere energiebalans en een warmere relatie met leerlingen.

En ja – werken aan een toekomstbestendige generatie kan met een fraaie methode. Maar laten we in deze veranderende, misschien zelfs revolutionaire tijd eerst teruggrijpen naar kennis die zich al duizenden jaren bewezen heeft. Niet om het onderwijs te veranderen, maar om te werken aan de kwaliteit van denken en kijken van diegenen die dagelijks naast onze kinderen staan. De student wordt alleen ‘gezien’ wanneer we eerst aandacht besteden aan de ogen die dit moeten doen.

Gian Walhain is auteur van ‘Baas in eigen Brein‘: stoïcijnse kennis, vertaald naar de onderwijspraktijk van nu – waardoor werken in het onderwijs nog leuker en betekenisvoller wordt.