In het coalitieakkoord dat D66, VVD en CDA afgelopen vrijdag presenteerden, krijgt het onderwijs veel aandacht. De partijen investeren in het bijzonder veel in het mbo. JOBmbo, de MBO Raad en de Algemene Onderwijsbond (AOb) reageren dus overwegend positief op het akkoord.
De verplichte stagevergoeding, de aandacht voor Leven Lang Ontwikkelen (LLO) en het terugdraaien van bezuinigingen op bijvoorbeeld het Regionaal Investeringsfonds zijn mooie ontwikkelingen volgens de organisaties. Toch blijven ze ook kritisch op het ambitieuze beleid. Zo stelt de MBO Raad vragen over de uitwerking van de plannen. En de AOb bekommert zich over de gevolgen van de bezuiniging op sociale zekerheid.
Erkenning van het mbo
JOBmbo voorzitter Maurits Brus is vooral te spreken over hoe de plannen omgaan met het mbo. Want de afspraken in het akkoord erkennen het mbo nadrukkelijk als een volwaardige vervolgopleiding én als eindstation. ‘De tijd van structurele onderwaardering lijkt voorbij’, aldus Brus. Ook zegt hij zich gehoord te voelen door de nieuwe coalitie na zijn deelname aan de formatietafel. ‘Als je kijkt naar de plannen, zie je dat onze inzet serieus is genomen. Dat stemt hoopvol.’
De MBO Raad sluit zich hierbij aan. Het mbo speelt een sleutelrol binnen de Nederlandse samenleving. Volgens hen erkennen D66, VVD en CDA via hun plannen ook de bijdrage van het mbo aan het onderwijs, innovatie en de aansluiting op de arbeidsmarkt.
Opkomen voor mbo-studenten
Ook zijn deze twee organisaties positief gezind over de maatregelen die de nieuwe coalitie voorstelt voor mbo-studenten. De verplichte stagevergoeding, maar vooral ook de uitwonendenbeurs en andere voordelen voor mbo-studenten zijn hier van groot belang. Zo noemen JOBmbo en de MBO Raad het gelijktrekken van het studiefinancieringsstelsel voor het mbo, hbo en wo. Net zoals de gelijke toegang voor mbo-studenten tot voorzieningen zoals huisvesting, sport, cultuur en een bestuursjaar.
Zorgen over sociale zekerheid en uitwerking plannen
De AOb is positief gestemd over het nieuwe akkoord rondom de investeringen in het onderwijs zelf. Desondanks zet de Algemene Onderwijsbond vraagtekens bij de bezuinigingen op de sociale zekerheid. Dit ziet de bond als een afbraak van werknemersrechten. De bond wijst daarbij op de hoge werkdruk in het onderwijs. ‘Als leraren uitvallen, moet er een stevig vangnet zijn. We moeten pal staan voor de mensen die dagelijks werken aan de toekomst van onze kinderen en aan het fundament van Nederland’, benadrukt voorzitter Coba van der Veer.
Ook de MBO Raad voegt toe dat ze met een kritische blik blijven kijken naar de plannen die nu op tafel liggen. ‘Veel van de plannen bouwen voort op lopende mbo-initiatieven, maar om deze daadwerkelijk te realiseren zijn flinke stappen nodig. Ook de financiering van de verschillende maatregelen blijft een belangrijke vraag’, aldus voorzitter Adnan Tekin.
Lees hier de uitgebreide reacties op het coalitieakkoord van JOBmbo, de MBO Raad en de AOb