De Tweede Kamer heeft op 7 april ingestemd met het wetsvoorstel Terugdringen schoolverzuim. Met deze wet wil het kabinet langdurig verzuim en schooluitval van leerlingen én mbo-studenten beter in beeld krijgen, voorkomen en terugdringen. Wat betekent dit voor mbo-scholen?
Voor het mbo betekent het wetsvoorstel dat instellingen een grotere rol krijgen in het vroegtijdig signaleren en aanpakken van verzuim. Zo worden scholen verplicht om zowel geoorloofd als ongeoorloofd verzuim beter en systematischer te registreren. Die gegevens moeten bovendien worden gedeeld met gemeenten, samenwerkingsverbanden en het ministerie, zodat er beter zicht ontstaat op risico’s en trends.
Sneller in beeld
Een belangrijk doel is dat mbo-studenten sneller in beeld komen bij problemen, zodat begeleiding eerder kan starten. Denk aan het inschakelen van een mentor, leerplichtambtenaar of zorgprofessional. Hierdoor moet worden voorkomen dat studenten langdurig uitvallen of zelfs helemaal uit het onderwijs verdwijnen. Ook verandert er iets rondom vrijstellingen van de leerplicht, bijvoorbeeld bij psychische of lichamelijke klachten. Deze worden voortaan kritischer en flexibeler beoordeeld, met meer focus op wat jongeren nog wél kunnen volgen aan onderwijs.
Extra verantwoordelijkheid en meer samenwerking
Voor mbo-instellingen betekent de wet niet alleen extra verantwoordelijkheid, maar ook meer samenwerking met gemeenten en ketenpartners. Goede uitvoering is daarbij cruciaal: registratie en signalering moeten vooral leiden tot betere begeleiding en niet alleen tot extra administratie.
De wet moet op termijn bijdragen aan een belangrijke ambitie van het kabinet: zo min mogelijk jongeren die langdurig thuiszitten zonder onderwijs. Voor het mbo ligt daarin een sleutelrol, juist omdat hier veel jongeren zitten voor wie uitval directe gevolgen heeft voor hun kansen op de arbeidsmarkt.
Meer over het wetsvoorstel lees je op de site van de Tweede Kamer.