Minister houdt vast aan taaleis mbo: geen invoering van omkeerregeling

Minister Rianne Letschert van OCW voelt weinig voor invoering van de zogeheten ‘omkeerregeling’ in het mbo. Dat schrijft zij in een recente Kamerbrief als reactie op een oproep van de MBO Raad en tien mbo-instellingen om de regeling alsnog mogelijk te maken.

De omkeerregeling is bedoeld voor internationale en anderstalige mbo-studenten op niveau 4. Het gaat bijvoorbeeld om kinderen van expats of studenten uit grensregio’s die nog niet lang in Nederland wonen. Volgens de huidige regels moeten alle mbo-4-studenten voor het vak Nederlands taalniveau 3F behalen om hun diploma te krijgen. De omkeerregeling zou het voor een specifieke groep studenten mogelijk maken om een lager niveau Nederlands (2F) te compenseren met een hoger niveau voor een andere moderne vreemde taal. De regeling moet ervoor zorgen dat deze studenten toch een mbo-4-diploma kunnen behalen en makkelijker kunnen doorstromen naar werk of vervolgonderwijs.

Waarom speelt dit juist nu?

Al jaren vragen mbo-scholen om bijzondere regels voor studenten die niet in Nederland zijn opgegroeid. Met name mbo-instellingen in regio’s met veel internationale studenten — zoals de Brainportregio Eindhoven — dringen al langer aan op meer flexibiliteit. Zij wijzen erop dat Nederland grote tekorten heeft in sectoren als techniek en zorg en dat ook internationale vakmensen hard nodig zijn.

Volgens de MBO Raad sluit de huidige taaleis niet altijd goed aan bij de praktijk van meertalige studenten. Sommige studenten beheersen hun vak uitstekend, maar lopen vast op het vereiste taalniveau Nederlands.

Minister vreest aantasting mbo-diploma

Toch ziet Letschert grote bezwaren tegen invoering van de regeling, zo schrijft ze in de recent verstuurde Kamerbrief. Volgens haar raakt de omkeerregeling direct aan de waarde van het mbo-4-diploma. Studenten moeten met dat diploma niet alleen kunnen werken, maar ook kunnen doorstromen naar het hbo. Het huidige mbo-4-diploma is gekoppeld aan hetzelfde taalniveau Nederlands als de havo: niveau 3F.

Daarnaast vreest de minister precedentwerking. Andere groepen studenten met ondersteuningsbehoeften — bijvoorbeeld studenten met dyslexie, dyscalculie of anderstalige studenten op andere niveaus — zouden dan mogelijk ook om aangepaste diplomavereisten kunnen vragen.

Ook de Raad van State heeft meerdere keren kritisch geoordeeld over eerdere pogingen om de regeling wettelijk mogelijk te maken, zo schrijft de minister in de Kamerbrief.

Nieuwe taaleisen in ontwikkeling

De minister kiest daarom voor een andere route. Binnen twee à drie jaar moeten nieuwe taaleisen en examens voor Nederlands in het mbo worden ingevoerd. Die moeten beter aansluiten bij de beroepspraktijk én bij verschillende groepen studenten, waaronder meertalige studenten. Volgens Letschert blijft het taalniveau daarbij wel gebaseerd op 3F, maar verschuift de nadruk meer naar taalgebruik in realistische mbo-situaties. Denk aan communiceren op de werkvloer, in de zorgpraktijk of binnen technische beroepen.

Uit eerste tests in het onderwijsveld blijkt volgens de minister dat docenten positief zijn over deze aanpak, juist ook voor nieuwkomers en internationale studenten.

Tijdelijke oplossingen gezocht

Totdat de nieuwe taaleisen zijn ingevoerd, blijft de situatie ingewikkeld voor mbo-instellingen die internationale studenten opleiden. De minister zegt hierover in gesprek te blijven met de MBO Raad om binnen de bestaande wetgeving naar oplossingen te zoeken. Wel benadrukt zij dat mbo-scholen niet vooruit mogen lopen op de omkeerregeling door diploma’s uit te reiken aan studenten die niet aan de huidige taaleisen voldoen.

Breder debat over toegankelijkheid

De discussie raakt aan een bredere vraag die steeds nadrukkelijker speelt in het mbo: hoe houd je opleidingen toegankelijk voor meertalige studenten, zonder concessies te doen aan de waarde van het diploma? Juist nu sectoren als techniek, zorg en ICT staan te springen om vakmensen, groeit de druk om flexibeler om te gaan met taalonderwijs en examinering. Tegelijkertijd blijft taalvaardigheid essentieel voor studiesucces, doorstroom en functioneren op de arbeidsmarkt.

Lees ook: Omkeerregeling voor het mbo opnieuw uitgesteld