Zo aan het begin van het schooljaar worden er vaak mooie plannen gemaakt. Projecten, lessenseries, activiteiten: alles wat maar hoort bij een zelfsturend team komt maar voorbij. Heerlijk toch, die autonomie? Nou… ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik heb de bingokaart al vol. Want een Project is tegenwoordig niet zomaar een project: er moeten ‘concrete’ (zijn vrijwel altijd abstract en vaag) doelstellingen geformuleerd worden, die moeten natuurlijk altijd SMART zijn en het duurt niet lang of er is iemand die van alles doet in het onderwijs, behalve lesgeven, die nog eens komt met de opmerking: ‘vergeten jullie dit niet langs de PDCA-cyclus te leggen’?
Echt waar, iedere keer als deze termen op een vergadertafel landen, denk ik aan de arme puppy’s die op dat moment sterven. Ik wil best geloven dat er scholen zijn die daadwerkelijk hun onderwijs hebben verbeterd via Design thinking, scrummen en GROW-modellen, maar ik heb nog nooit iemand horen zeggen ‘op deze school zitten ze echt lekker in de PDCA, en dat mérk je.’ Zelf werk ik al jaren via het IDMW™-model, en dat werkt als een tierelier. Nu ik dit jaar dertig jaar onderwijs vier -vroeger kwam je dan net kijken, tegenwoordig ben je écht een veteraan- vond ik het eigenlijk tijd worden om het model cadeau te geven aan mijn collega’s. Dit is namelijk HET MODEL WAAR JE OP ZAT TE WACHTEN. Werkt altijd, voor iedereen.
Het IDMW™-model (Ik-Doe-Maar-Wat) kenmerkt zich door vier fases:
Ik – In deze fase oriënteert de uitvoerder zich niet, maar vertrouwt volledig op een vaag gevoel van urgentie of verveling. Je weet niet precies wat er moet gebeuren, maar je begint gewoon.
Doe – De meest zichtbare fase. Hier vindt het daadwerkelijke doen plaats, zonder plan, context of duidelijk einddoel.
Maar – In deze fase is er ruimte voor twijfel. Klopt dit eigenlijk allemaal nog wel? Dit leidt soms tot bijsturing, maar nog vaker blijft de existentiële twijfel. Maar Albert Einstein heeft vast wel eens iets gezegd als ‘niet weten wat je doet leidt tot de hoogste wendbaarheid.’
Wat – De eindfase. Er is daarbij ruimte voor evaluatie en reflectie, maar vooral voor verbazing. ‘Wat heb ik eigenlijk gedaan?’ Er is ruimte voor tevredenheid over het resultaat, maar vastleggen is uit den boze: dat zou ten koste gaan van de spontaniteit en creativiteit.
Schematisch ziet het IDMW™-model er zo uit:
Ik -> Doe -> Maar -> Wat
Zoals u ziet is dit proces niet cyclisch, zodat het ruimte biedt aan open eindjes en informeel overleg. Bovendien is dit schema voor iedereen in een powerpointpresentatie te vatten zonder dat de afbeeldingen van de dia lopen of dat schema’s onleesbaar worden voor de mensen achterin. Andere voordelen voor de organisatie zijn:
- Een verhoogde reactiesnelheid dankzij afwezigheid van strategie;
- Maximale autonomie: iedereen doet wat hij denkt dat goed is (op dat moment);
- Geen tijdverlies door planning of evaluatie;
- Sterke teamcohesie door gedeelde verwarring.
Bovenal is het grote voordeel van de IDMW™-cyclus dat er meer tijd en ruimte ontstaat voor zaken in het onderwijs als lesgeven, begeleiding en zorg. Sommige scholen wensen daar wel eens in te investeren.
Er komt vast ooit nog wel eens een boek over het IDMW™-model, maar ik heb het verdienmodel nog niet helemaal rond. U mag mij daarover op LinkedIn of bij de redactie van MBO today benaderen. En mocht u twijfelen of het IDMW™-model wel écht werkt, nog even ter herinnering wat ik hierboven zei: Al. Dertig. Jaar.
Ik wens iedereen een fijn studiejaar toe.