COLUMN | Dit lijkt een vraag, maar is eigenlijk een dringende oproep aan alle mbo-instellingen. Veel studenten hebben een disfunctionele relatie met hun smartphone. Met name jongere studenten zitten dagelijks 6,5 uur op dat ding, sommigen zelfs meer dan 8 uur. Vaak scrollen en swipen ze doelloos of verdwijnen ze in een spelletje, terwijl ze hun tijd liever aan iets betekenisvollers hadden besteed.
Dat is geen toeval. Voormalig Google-ingenieur Tristan Harris vergeleek de smartphone al in 2017 met een fruitmachine uit het casino: de onvoorspelbare beloning van een bericht, like of filmpje verleidt ons steeds opnieuw te kijken. Daar komen gevolgen bij als verstoorde slaap, eenzaamheid en depressieve gevoelens en ongewenste contacten en verzoeken.
De gevolgen zijn ook merkbaar in het onderwijs en op de werkvloer. Steeds vaker zien docenten en werkgevers dat mbo-studenten hun aandacht moeilijker langere tijd bij een taak houden, minder met elkaar in gesprek zijn en moeite hebben door te zetten als iets inspanning vraagt. Apps nodigen hen voortdurend uit om tussen nieuwe prikkels te schakelen. Onderzoek laat zien dat zelfs een notificatie de aandacht voor een lopende taak kan verstoren, zonder dat iemand zijn telefoon gebruikt. Dat staat haaks op wat het leren van een vak vraagt: blijven kijken, luisteren en oefenen, ook als iets niet direct interessant is.
Verwachten dat studenten zonder smartphone gaan leven is niet realistisch; daarvoor is die te sterk verweven met het dagelijks leven. We kunnen ze beter helpen een gezonde relatie met hun telefoon te ontwikkelen. Dat betekent bewust gebruiken wanneer die iets toevoegt, niet uit automatisme. Zo houden ze meer tijd en aandacht over voor leren, bewegen, rust en écht contact.
Daar hebben studenten hulp bij nodig. Techbedrijven zijn simpelweg te sluw in het vasthouden van hun aandacht. Ook het mbo heeft daarom een rol te spelen. Wie jongeren opleidt voor een beroep en de samenleving, kan het vermogen om de eigen aandacht te sturen niet alleen aan studenten overlaten.
Gelukkig laat recent onderzoek zien dat studenten een gezondere relatie met hun smartphone kunnen en willen ontwikkelen. Door te reflecteren op hun gebruik, te bepalen hoe ze het anders willen en te oefenen met manieren om de regie terug te pakken, krijgen ze meer grip. Daarbij helpt het ook om hun vrije tijd bewust te vullen met activiteiten die werkelijk voldoening geven, zoals sporten, muziek maken of afspreken met vrienden. Zo ontstaat een alternatief voor eindeloos scrollen en swipen.
Werken aan die gezonde relatie kan prima binnen SLB. Maar het moet geen individuele opdracht worden. Smartphonegebruik is vooral ‘sociaal’ gedrag. Zolang iedereen voortdurend bereikbaar is, berichten stuurt en zijn telefoon pakt, is het moeilijker zelf andere gewoontes vol te houden. Het beste is daarom als studenten samen hun gewoontes onderzoeken, afspraken maken en elkaar helpen. Aandacht sturen is een individuele vaardigheid, maar je ontwikkelt die niet in je eentje.
En ja, dat betekent wéér een taak voor het mbo. Maar de aandacht van studenten is maatschappelijk te waardevol om aan techbedrijven weg te geven. Laten we daarom studenten leren die aandacht terug te pakken, zodat ze hun talenten optimaal kunnen ontwikkelen en vol van het leren kunnen genieten.
Dit artikel is geschreven door Fadie Hanna, associate lector pedagogisch handelen in het mbo aan de Hogeschool van Amsterdam en toezichthouder in het mbo. Reageren? Stuur dan je mail naar f.hanna@hva.nl