Nieuwe mbo-cao laat nog even op zich wachten

Mbo-medewerkers moeten langer wachten op duidelijkheid over een nieuwe cao. Hoewel werkgeversorganisatie MBO Raad en de vakbonden al sinds maart 2026 met elkaar om tafel zitten, wordt een akkoord voor de zomervakantie niet meer verwacht. Eind mei meldde Hendrik de Moel, voorzitter van de Algemene Onderwijsbond (Aob) nog dat de onderhandelende partijen ‘willen en hopen er voor de zomer uit te komen’.

De betrokken partijen benadrukken dat het uitstel niet betekent dat er geen voortgang wordt geboekt. Volgens vakbond AOb zijn op verschillende onderwerpen stappen gezet, maar vragen enkele dossiers meer tijd om tot overeenstemming te komen.

Meer dan louter loon

Dat de onderhandelingen niet eenvoudig zijn, bleek al eerder. Naast salarisafspraken ligt tal van andere onderwerpen op tafel, waaronder het individueel keuzebudget, scholingsfaciliteiten, de positie van vo-scholen die onder de mbo-cao vallen en de definitie van reorganisatie. Juist doordat de gesprekken zich niet beperken tot loonontwikkeling, blijkt het vinden van een totaalakkoord complexer dan bij eerdere cao-rondes.

Gesprekken gaan door in de zomer

De onderhandelingen worden tijdens de zomerperiode voortgezet. Het doel blijft om vóór 1 oktober 2026 tot een nieuwe cao te komen. Op die datum loopt de huidige cao definitief af. Voor mbo-medewerkers verandert er voorlopig niets. De huidige cao werd eerder dit jaar automatisch verlengd, waardoor alle bestaande afspraken over arbeidsvoorwaarden, salaris, verlof en andere rechten van kracht blijven totdat er een nieuw akkoord ligt.

Nog geen zicht op uitkomst

Over de inhoud van een mogelijk akkoord doen de partijen vooralsnog geen uitspraken. Wel lijkt er overeenstemming te bestaan over het belang van zorgvuldige onderhandelingen. De komende maanden moeten uitwijzen of werkgevers en vakbonden erin slagen de resterende verschillen te overbruggen.