Met grote meerderheid heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel dat onder andere zorgt voor een versoepeling van de urennorm.
Het wetsvoorstel Verbetering aansluiting onderwijs arbeidsmarkt (Vaba) heeft al een lange voorgeschiedenis. De oorsprong van het voorstel ligt in de tijd dat Ingrid van Engelshoven minister van Onderwijs was. Onder andere uit activiteiten van de MBO Brigade bleek destijds dat veel scholen worstelden met de strikte eisen van de urennorm. Ook de regelgeving rond keuzedelen leverde in de dagelijkse praktijk van mbo-docenten veel problemen op. Minister Van Engelshoven kondigde al in 2020 een wet aan die deze problemen zou oplossen.
Flexibiliteit
Het wetsvoorstel Verbetering aansluiting onderwijs arbeidsmarkt is vervolgens door diverse ministers voorbereid. Na Van Engelshoven volgden Robbert Dijkgraaf, Eppo Bruins, Gouke Moes en Rianne Letschert. Begin april debatteerde de Tweede Kamer met Letschert over het wetsvoorstel. Waar een jaar geleden met name Nieuw Sociaal Contract bij monde van Aant-Jelle Soepboer nog waarschuwde voor de gevolgen van de versoepeling van de urennorm, kon minister Letschert de Kamer nu snel gerust stellen. Meer flexibiliteit in de inzet van uren stelt volgens haar scholen in staat het onderwijs te verbeteren.
Keuzedelen
Mikal Tseggai (Progressief Nederland) vraagt in het debat aandacht voor het beperkte aanbod aan keuzedelen dat veel scholen bieden. Bij veel opleidingen kunnen studenten maar kiezen uit bijvoorbeeld twee keuzedelen, terwijl het de bedoeling van de wet is dat studenten een ruime keuze hebben in deze ‘vrije ruimte’. Volgens Tseggai zouden er minimumeisen moeten komen voor het aanbod van keuzedelen. Minister Letschert zegt toe dit onderwerp te zullen bespreken in overleggen met de sector, maar voelt niets voor minimumeisen. Bij de stemming op 15 april krijgt de motie van Tseggai over minimumeisen net te weinig steun. Het wetsvoorstel zelf wordt met bijna algemene stemmen aangenomen. Om onduidelijke redenen stemt alleen de fractie van JA21 tegen.
Eerste Kamer
De laatste hobbel voor het wetsvoorstel is nu de Eerste Kamer. Op dinsdag 19 mei bespreekt een senaatscommissie het voorstel. Naar verwachting zal de Eerste Kamer het voorstel nog voor de zomer zonder debat goedkeuren.
Bekijk hier het wetsvoorstel
Lees ook: ‘Versoepeling urennorm geen risico voor onderwijskwaliteit’